EDITORIAL

Hoe maak je schoon rijden leuk?

Met alle wagens die Spaarnelanden op de weg heeft rijden, kunnen we een flinke bijdrage leveren aan de lokale energietransitie en vermindering van uitstoot. We rijden al veel elektrisch. Dat dit niet voor elk type wagen even vanzelfsprekend is, leest u verderop in dit magazine.

Soms is bijvoorbeeld een hybride wagen beter, zoals bij de servicebus waarmee we de brandweerwagens van Zaanstreek-Waterland en Kennemerland onderhouden. Die moet snel bij de brandweer kunnen zijn, dus daarom kunnen we het ons niet permitteren om onverwacht tijd te verliezen aan opladen. De hybride kan 50 kilometer elektrisch rijden, dus hebben onze monteurs er een sport van gemaakt om zo min mogelijk fossiele brandstof te gebruiken. Na elk ritje leggen ze hem meteen aan de lader. Met dit wedstrijdelement wordt schoon rijden ineens fun… Vaak is de psychologie echter ook een belemmerende factor om schoon te gaan rijden. Inzichtelijk maken helpt dan. Laatst beweerde een collega dat hij écht niet elektrisch kon rijden omdat hij te veel kilometers maakt, meende hij. Hij vond het goed als we voor een maand zijn rijgedrag zouden monitoren. En wat bleek? Hij maakte veel minder kilometers dan hij dacht: per dag gemiddeld 40 kilometer, met soms een uitschieter naar 150. Dat past allemaal prima binnen de actieradius van zijn nieuwe elektrische auto. Hij was al snel onder de indruk van hoe zijn nieuwe bus presteerde. Soms helpt het ook als we met medewerkers bespreken hoe ze hun werk kunnen aanpassen op het nieuwe elektrische vervoer. Bijvoorbeeld door de laadmomenten goed in te plannen. Of dat ze kunnen inschatten voor welke klus welk soort vervoer het handigst is. Sommige ritjes blijken dan prima op de fiets of de scooter te kunnen worden gedaan.

Medewerkers mogen voor een schoner milieu best eens wat vaker buiten hun comfortzone stappen. Daarbij helpen we ze met de vraag: hoe kies ik de meest duurzame methode om mijn werk uit te voeren? Dat betekent steeds weer meedenken, adviseren en suggesties aanreiken. Deze aanpak begint te werken. Het is dezelfde discussie die we ook met onszelf zouden moeten voeren. Moet ik vandaag echt de auto mee, of kan ik ook op de fiets? Wie zo leert denken, zet al een flinke stap in de energietransitie.

Roel Groenestein Unitmanager Mobiliteit Service Spaarnelanden

REAGEREN? Mail Roel Groenestein, rgroenestein@spaarnelanden.nl

EDITORIAL

Hoe maak je schoon rijden leuk?

Met alle wagens die Spaarnelanden op de weg heeft rijden, kunnen we een flinke bijdrage leveren aan de lokale energietransitie en vermindering van uitstoot. We rijden al veel elektrisch. Dat dit niet voor elk type wagen even vanzelfsprekend is, leest u verderop in dit magazine.

Soms is bijvoorbeeld een hybride wagen beter, zoals bij de servicebus waarmee we de brandweerwagens van Zaanstreek-Waterland en Kennemerland onderhouden. Die moet snel bij de brandweer kunnen zijn, dus daarom kunnen we het ons niet permitteren om onverwacht tijd te verliezen aan opladen. De hybride kan 50 kilometer elektrisch rijden, dus hebben onze monteurs er een sport van gemaakt om zo min mogelijk fossiele brandstof te gebruiken. Na elk ritje leggen ze hem meteen aan de lader. Met dit wedstrijdelement wordt schoon rijden ineens fun… Vaak is de psychologie echter ook een belemmerende factor om schoon te gaan rijden. Inzichtelijk maken helpt dan. Laatst beweerde een collega dat hij écht niet elektrisch kon rijden omdat hij te veel kilometers maakt, meende hij. Hij vond het goed als we voor een maand zijn rijgedrag zouden monitoren. En wat bleek? Hij maakte veel minder kilometers dan hij dacht: per dag gemiddeld 40 kilometer, met soms een uitschieter naar 150. Dat past allemaal prima binnen de actieradius van zijn nieuwe elektrische auto. Hij was al snel onder de indruk van hoe zijn nieuwe bus presteerde. Soms helpt het ook als we met medewerkers bespreken hoe ze hun werk kunnen aanpassen op het nieuwe elektrische vervoer. Bijvoorbeeld door de laadmomenten goed in te plannen. Of dat ze kunnen inschatten voor welke klus welk soort vervoer het handigst is. Sommige ritjes blijken dan prima op de fiets of de scooter te kunnen worden gedaan.

Medewerkers mogen voor een schoner milieu best eens wat vaker buiten hun comfortzone stappen. Daarbij helpen we ze met de vraag: hoe kies ik de meest duurzame methode om mijn werk uit te voeren? Dat betekent steeds weer meedenken, adviseren en suggesties aanreiken. Deze aanpak begint te werken. Het is dezelfde discussie die we ook met onszelf zouden moeten voeren. Moet ik vandaag echt de auto mee, of kan ik ook op de fiets? Wie zo leert denken, zet al een flinke stap in de energietransitie.

Roel Groenestein Unitmanager Mobiliteit Service Spaarnelanden

REAGEREN? Mail Roel Groenestein, rgroenestein@spaarnelanden.nl